Allerzielen - 2020

‘Ik, Johannes, zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. En Hij die op de troon is gezeten, sprak: Zie, Ik maak alles nieuw.’

Zusters en broeders, het zijn woorden van Johannes in het Boek van de Openbaring, en ze drukken een diepgaand geloof uit van leven in Gods handen, Hij die alles nieuw maakt.

Want dat is wat ons wacht in het leven na dit leven. Het leven waarin onze geliefde overledenen nu thuishoren. Een nieuwe aarde, los van de aarde waarop ze geleefd hebben en waarop ook wij nu leven. En die aarde waarop ze geleefd hebben is een aarde van geluk, maar ook van ongeluk. Van blijdschap, maar ook van verdriet. Van vrede, maar ook van oorlog. Van macht, maar ook van uitbuiting. Van liefde, maar ook van haat. Een aarde van nog zoveel meer, waar het niet altijd mooi is om te wonen. En daarom zegt God de Heer: Zie, Ik maak alles nieuw.

Dat is wat Marta in het evangelie aanvoelt: dat met Jezus alles nieuw is. Haar broer is gestorven, en ze zegt tegen Jezus: ‘Als Gij hier waart geweest, zou mijn broer niet gestorven zijn.’ Dat is merkwaardig, want het klinkt alsof Jezus een heel bekwame geneesheer is, zo bekwaam dat Hij haar broer had kunnen redden. Maar Marta weet dat Jezus geen geneesheer is, wel de ‘Messias, de Zoon van God die in de wereld komt.’ En ze weet ook dat met die komst alles nieuw is, want met Jezus is God zelf op aarde gekomen, en schept Hij een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.  En Jezus zegt: ‘Ik ben de verrijzenis en het leven. Wie in Mij gelooft zal leven, ook al is hij gestorven.’ Zo is de nieuwe hemel en de nieuwe aarde: een leven in eeuwigheid.

Zusters en broeders, het is dat geloof dat ons hier bijeenbrengt. Het geloof in eeuwig leven. Het geloof dat onze geliefden niet zichtbaar aanwezig zijn, maar dat ze onder ons leven met hun liefde en hun zorg, hun aandacht en hun hulp. Ze leven in onze herinnering, en ze zijn ons deel van aller-zielen. Mogen die liefde en die herinnering hen blijvend aanwezig houden in ons midden, zodat we hen altijd vol liefde kunnen begroeten. Amen.