Vuur ben ik komen brengen

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

‘Ik ben vuur op aarde komen brengen. Meent gij dat ik op aarde vrede ben komen brengen? Neen, Ik zeg u juist verdeeldheid: twee tegen drie, zoon tegen vader en dochter tegen moeder.' Deze uitspraken van Jezus passen niet zo goed in het beeld dat wij van Jezus hebben. Zo kennen wij Hem eigenlijk niet. De boodschap van Jezus is toch een blijde boodschap, een boodschap van vrede en niet van strijd en verdeeldheid.

Toch mogen wij niet vergeten dat Jezus in deze wereld gekomen is als een teken van tegenspraak, tot opstanding maar ook tot val van velen. De vrede die Jezus is komen brengen, heeft dikwijls tot gevolg haat en vervolging, en waar zijn vrede niet wordt aangenomen, wordt zijn woord vaak tot een tweesnijdend zwaard en het eist de tol van hem die de vrede verkondigt. Jezus wist dat en Hij is voor deze werkelijkheid nooit teruggedeinsd. Hij heeft ook moedig van zich af durven spreken: Hij noemt Herodes een vos, de farizeeën adderengebroed en tegen Petrus zegt Hij: ‘Ga weg Satan'. De knecht van de hogepriester durfde Hij van antwoord te dienen en voor Pilatus getuigde Hij openlijk van zijn koningschap.

Ook aan deze kant van het beeld van Jezus moeten wij leren wennen om Hem daarin na te volgen. Jezus heeft niet alleen gesproken over de lelies in het veld en de vogeltjes in de lucht, of over de persoonlijke heiliging door vasten en gebed. Had Hij dit alleen gedaan, dan zou Hij waarschijnlijk wel 80 jaar oud en in zijn bed en niet 30 jaar oud en op een kruis gestorven zijn. Hij heeft met zijn lijden en dood de tol betaald voor het vuur dat Hij op aarde is komen brengen. De leerlingen die dit vuur uitgedragen hebben, zijn door het zwaard van het geweld omgekomen omdat de duisternis van deze wereld het vuur niet verdragen kan.

Zeker, wij mogen dit evangelie niet als voorwendsel gebruiken om mensen op te roepen tot agressiviteit en geweld. Geweldloos verzet en verdraagzaamheid liggen veel meer in de lijn van het evangelie. Maar het evangelie zegt ons evenmin dat wij maar zonder verzet elk onrecht moeten verdragen en evangelische verdraagzaamheid wil helemaal niet zeggen dat wij voor onze overtuiging niet mogen uitkomen. In die zin heeft het woord van Jezus: ‘Vuur ben Ik komen brengen' nog altijd een dynamische kracht, die ons oproept tot moedige beslissingen en bewust handelen overal waar het gaat om gerechtigheid en vrede. Wij moeten de moed hebben om evenals Jezus te getuigen voor de waarheid, ook als dat ergernis en conflicten bij anderen oproept.

Waar het gaat om de rechten van het ongeboren leven, om ontwapening en milieubescherming, om rechtvaardigheid voor de kleine man, daar zouden de christenen op de bres moeten staan en zouden zij de profetische visie moeten hebben om de bakens uit te zetten voor een nieuwe tijd. Als wij het vuur van Christus in ons dragen kunnen wij niet de grote afwezigen of laffe toeschouwers zijn van de strijd die ook nu in deze wereld geleverd wordt, tussen dood en leven, tussen honger en overvloed, tussen vrijheid en verdrukking. Dat vuur dat Christus in ons hart ontstoken heeft moet ons onrustig houden en wij mogen ons gerust eens afvragen: hoe is het eigenlijk mogelijk dat een miljard christenen het aanschijn van deze wereld zo weinig kunnen veranderen? De wereld leeft in angst voor oorlog, honger en sociale ongerechtigheid en dat juist ook in katholieke landen. Wat doen wij daar praktisch voor? En als dan eens een echte christen optreedt, zoals Moeder Teresa, Mgr. Romero, Helder Camara, dan herademt ineens de hele wereld, dan weten wij: ja dat is het, zo moet het zijn, maar het vuur slaat niet over op de massa van de christenen.

Heeft dat miljard christenen dan niet de macht in handen om de koers van deze wereld te veranderen? Wij hoeven niet met de hoofden voorover gebogen te lopen. Wij willen weerbare mensen zijn: kop op!

Als wij delen in het vuur van de eerste gelovigen, dan kunnen wij nogmaals de wereld verbazen en tonen dat het anders kan.