Wat verwacht je?

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Beseft Petrus wel wat hij zegt? Hij noemt Jezus de Messias, de Christus. Dat is de hoogste titel die hij kan bedenken. In heel de geloofstraditie van Israël was er geen grotere gestalte dan de Messias, de Gezalfde van God. Eeuwenlang al zag men uit naar zijn komst. Hij zou alle beloften in vervulling doen gaan. Met Hem zou het langverwachte rijk van vrede en gerechtigheid eindelijk doorbreken, in de lijn van de visioenen van de profeet Jesaja. Al wat Israël van God durfde te verwachten, legde het in die titel.

Wij weten niet wat Petrus bezielt als hij Jezus de Messias noemt. Maar zoveel is zeker: in Jezus ziet hij de realisatie van alles wat zijn volk hoopte en verwachtte. Met de komst van de Messias zal alles goed worden. En wat kan dat betekenen? Dat het slechte een einde neemt, dat er geen onrecht, geen leed en ellende meer zal zijn.

Jezus spreekt Petrus niet tegen, maar Hij wil niet dat aan zijn belijdenis nu al ruchtbaarheid gegeven wordt. Onmiddellijk begint Hij te spreken over iets wat men zeker niet van de Messias verwacht: dat die namelijk zal moeten lijden en als een misdadiger aan het kruis zal worden terechtgesteld. Pas wanneer dat allemaal achter de rug is, mag het verkondigd worden. Eerst moet Petrus meegaan tot op Golgota. Hij zal niet eens zover raken. Door verloochening zal hij zijn hachje proberen te redden. Toch zal diezelfde Petrus de eerste getuige zijn van de verrezene, en de leiding krijgen in de gemeenschap van de Kerk en in de verkondiging.

Wij weten intussen dat Jezus inderdaad de gekruisigde Messias is. We weten dus beter dan Petrus. Of misschien toch niet? Het is niet omdat wij weten dat Hij de gekruisigde Christus is, dat we dat ook werkelijk bes effen en aanvaarden. Als wij van Hem - in de lijn van heel de joodse traditie - verwachten dat Hij al onze verwachtingen in vervulling zal doen gaan, zouden we net als Petrus te horen kunnen krijgen: ‘Jouw gedachten zijn niet Gods gedachten, maar die van de mens.' Her grote pijnpunt blijft natuurlijk dat kruis. Spontaan verwachten wij dat God ons het lijden zal besparen. Daarom zijn we soms zo kwaad op Hem als wij wel door lijden getroffen worden. Jezus kan en zal ons inderdaad nooit beloven dat we niet zullen moeten lijden. In die zin ‘door-kruist' Hij letterlijk onze verwachtingen.

Het lijden kleeft aan het leven zelf. Het is onvermijdelijk, wat niet betekent dat het door God ook zo gewild is. Het is er gewoon. Een mens moet al een en ander meegemaakt hebben om te kunnen beseffen dat Jezus de beste weg gekozen heeft door zelf het kruis op zijn schouders te nemen. Alles wat tot ons bestaan behoort, heeft Hij op zich genomen. Hij wilde Redder zijn van heel ons bestaan, ook van datgene wat wij niet wensen en met alle middelen proberen te ontlopen. Hij reikt verder dan onze menselijke verwachtingen door ook daar te zijn waar wij Hem niet verwachten: op Golgota.