“Vrouw, je hebt een groot geloof” Mt. 15,21-28)

Ouders hebben veel zorgen wanneer hun kind ziek is. Zij zoeken hulp voor de genezing waar ze deze kunnen vinden. Vaders en moeders, familieleden zijn met hun zorgen naar Jezus gekomen om hun kind te genezen, zeker in gevallen waar ze dachten dat een kwade geest hun kind kwelde.

Volharden

Wanneer Jezus in het grensgebied van Tyrus en Sidon, komt een Kananese vrouw naar hem met de bede om haar dochter te genezen.

De reactie van Jezus verwondert ons. Hij geeft aanvankelijk geen gehoor aan haar verzoek en zijn leerlingen willen de vrouw wegsturen. Ook op de eenzame plek waar zovelen naar Jezus kwamen luisteren, hadden de leerlingen de intentie om de massa weg te sturen. Gods hart is echter groter dan het onze; La charité ne connaît pas de couleur. Jesaja nodigt in zijn profetie velen uit om zich aan te sluiten bij de Heer en zich op zijn berg te verzamelen. Zolang er in de gemeente, die aan de tafel van de Heer zit, mensen van tweede klasse zijn, hebben we Gods wil niet volbracht (ctr Schott-missaal). “Al wat aarde woont, geeft gij hetzelfde brood” (ZJ 420).

Jezus houdt zich aan de regel om allereerst te gaan naar de verloren schapen van Israël (Mt. 9,6). Gelukkig dat hij deze hier reeds  doorbreekt en ingaat op de bede van de vrouw. Haar spitse reactie en haar aandringen verdient een groot compliment. Het is zoals bij de honderdman, van wie Jezus zegt: “Bij niemand in Israël heb ik een zo groot geloof gevonden” (Mt. 8,10). De goegemeente kan leren van mensen buiten hun kring en hen navolgen in hun geloof en vertrouwen in Jezus.

Kruimels van de tafel

In dit verhaal werkt de symboliek van het brood verder door. Een grote menigte is gespijzigd. Ze hebben geen bewijs moeten voorleggen om bij de groep toehoorders te behoren, die mochten eten van de vijf broden. Het is alsof deze vrouw van vreemde origine wist dat er zoveel was overgebleven bij de broodvermenigvuldiging. Zij is tevreden met de kruimels van de tafel want kruimels zijn ook brood.

« Ik bid U, Vader, heb medelijden met uw arm kind dat verlangt verzadigd te worden met de kruimels die van uw tafel vallen, terwijl ik me bij U houd als een hondje bij zijn meester.

Straf me niet, God, naar mijn tekortkomingen, maar in uw goedheid en barmhartigheid beproei mijn ziel met hemels dauw en laat mijn geest door uw goedheid verzwolgen worden.

Verenig mijn hart met uw aanbiddelijk Hart. »

(Moeder Jeanne de Saint Matthieu Deleloë (1604-1660) O. S.B.-Poperinge).

Inzet van vrouwen

Jezus feliciteert de vrouw om haar groot geloof. “De kracht van deze vrouw die erin slaagt hindernissen te overwinnen, moet gezocht worden in haar moederlijke liefde en in het vertrouwen dat God haar verzoek kan inwilligen. Dit doet me denken aan de kracht van vrouwen. Met deze kracht zijn ze bekwaam om grote dingen te bekomen. Wij hebben er zovele gekend. We mogen zeggen dat de liefde haar geloof stimuleert en op zijn beurt wordt het geloof de beloning van de liefde” (Paus Franciscus, Angelus gebed 20 augustus 2017).

Querida Amazonia.

In de apostolische aansporing Querida Amazonia wijdt de paus een hoofdstuk aan zijn pastorale droom voor dit gebied en meteen ook voor andere gebieden. In het Amazonegebied hebben gemeenschappen al sinds lang het geloof levendig gehouden en doorgegeven zonder dat er een priester naartoe is gegaan. “Dit is te danken aan de aanwezigheid van sterke en toegewijde vrouwen. Ongetwijfeld geroepen en aangespoord door de Heilige Geest hebben deze vrouwen doopsels toegediend, catechese gegeven, mensen leren bidden en gewerkt als missionarissen” (90). Zij moeten daarin verder aangemoedigd worden om deze actieve rol te blijven opnemen, ook al worden deze gemeenschappen geconfronteerd met nieuwe, vroeger ongekende bedreigingen. “De huidige situatie vereist dat we de opkomst van andere diensten en charisma’s die eigen zijn aan vrouwen en inspelen op de specifieke noden van de Amazonevolkeren aanmoedigen” (102).

“In een synodale Kerk zouden deze vrouwen die effectief een centrale rol te spelen hebben in de Amazonegemeenschappen, toegang moeten krijgen tot posities, kerkelijke bedieningen incluis, die geen heilige wijding vereisen die de rol die voor hen is weggelegd beter duidelijk kunnen maken” 103). “Door hieraan een permanent karakter te geven en een publieke erkenning en een mandaat zou dit de vrouwen toelaten een reële en effectief impact te hebben op de organisatie, op de belangrijks beslissingen en op het leiderschap van gemeenschappen, terwijl ze dit blijven doen op een manier die hun vrouwelijkheid weerspiegelt” (103).

Van de Syro-Fenicische vrouw is niet geweten welke taken ze naderhand op zich heeft genomen. In ons land zijn ze met vele die als pastor werken.

Een toemaatje met een Zwitsers graffito

“Ohne Frau kein Papst.”

“Zonder vrouw geen paus.”

Een hij of een zij had in Luzern deze zin op een kerkmuur ingekrast.

Paus of prinses, voorzitter of typiste, haarkapster of chauffeur, elke mens dankt zijn/haar oorsprong aan een man én een vrouw, aan een vader én een moeder.

We waren allen eens klein, totaal afhankelijk, een baby, een foetus.

Ons eerste huis was de geborgenheid van de moederschoot.

“Ohne Frau kein Papst.”

De onbekende van Luzern wou wellicht wijzen op de ene helft van de wereldbevolking, de vrouwelijke.

Wij zijn man of vrouw, op elkaar aangewezen.

Alleen vertegenwoordigt een man of vrouw nooit de ganse mensheid.

Daar is steeds de andere.

Een wondere wereld: zonder berekening en planning is op deze aardbol het aantal mannen en vrouwen ongeveer even groot.

Maar de verantwoordelijkheid is onevenwichtig verdeeld.   Lange tijd waren de keuken, de kinderen en opvoeding aan de vrouw toegewezen.   De man voerde het bevel over de rest en heeft als krijger veel verwoest.

Op veel beslissingsdomeinen worden vrouwen buitengehouden.

Hoe hoger op de ladder, hoe minder vrouwen.

België kreeg pas in 2019 een vrouw als eerste minister.

In Sri Lanka, India, Frankrijk was dit al veel eerder.

“Zonder vrouw geen paus.”

Deze slogan is een prik naar de Kerk.

Vrouwen waren in het gezelschap van Jezus (Lc. 8,1-3). Zij waren hem vanuit Galilea gevolgd om voor hem te zorgen (Mt. 27,55).

Wanneer Hij stierf; werden ze op afstand gehouden en stonden ze van ver toe te zien. Zij waren als eerste bij het open graf op de paasmorgen.

Geen enkel evangelie vermeldt hen bij het Laatste Avondmaal, maar na de Hemelvaart van Jezus zijn ze in de bovenzaal te Jeruzalem (Hnd. 1,14).

Mannen en vrouwen hebben op Pinksteren de Geest ontvangen.

De doop verenigt mannen en vrouwen met Christus. “Er is nu geen sprake meer van Jood of heiden, slaaf of vrije, man of vrouw; allen tezamen vormt gij één persoon in Christus Jezus” (Gal. 3,28).

Dit is een bevrijdend woord van Paulus. Maar hem achtervolgt een andere zin, geschreven voor de gemeente van Korinthe. Paulus wou dat de vrouwen daar in hun bijeenkomst zouden zwijgen (1 Kor. 14,34). Paulus heeft de bruidsmystiek ontwikkeld tussen Christus en de Kerk. Hij de bruidegom, zij de bruid. Aldus heeft hij bijgedragen tot het over beklemtonen van het mannelijke in de hiërarchie.

De kerk leeft van charisma en ambt. De Geest is haar motor. Zoals bij een vliegtuig heeft zij bij haar vlucht twee vleugels nodig: de ene heet Maria, de ander Petrus’ (L.J. Suenens, Gods onvoorziene wegen).

De kerk heeft voor haar dienst aan de wereld de gaven en de talenten nodig van mannen en vrouwen, van vaders en moeders, van zonen en dochters.

De paus in de kerk kan daarbij niet zonder broers en zussen. Hen allen mag hij versterken en bemoedigen.