Grenzen overschrijden

 

De ontmoeting van Jezus met een Kananese vrouw - een gekend tafereel in de reeks van Bijbelse vrouwenfiguren – toont een evolutie in het denken en doen van Jezus. Ze geeft aanzetten om ons te bevragen naar onze houding tegenover andere culturen.

Groeien in inzicht

Jezus wou niet ingaan op de bede van de Syrofenicische vrouw voor de genezing van haar dochter. Had hij voor zichzelf uitgemaakt dan hij haar bede pas zou verhoren, zo zij zich goed wist te verdedigen en een humorvol antwoord gaf? Op bepaalde plaatsen in het evangelie lijkt het erop dat Jezus alles wist. Wanneer hij een vraag stelde, was dit niet uit onwetendheid maar omwille van de toehoorder. Hij zelf wist hij wat hij doen zou.

Is het inzicht van Jezus gegroeid tijdens zijn leven? Hoe heeft het zich gewijzigd in contact met mensen? “Om zichzelf te kennen en te verstaan had Jezus het gelaat van anderen evenzeer nodig als ieder ander mens die wil groeien en tot zichzelf komen” (B. Standaert, De Jezusruimte, p. 135). Wij leren uit ervaring en door ontmoeting. Al doende komen wij tot inzicht en worden grenzen verlegd. Van achter een bureel oordelen wij anders over noden dan wanneer wij oog in oog staan met concrete mensen.

De ontmoeting met de Syrofenicische heeft het gedrag van Jezus beïnvloed. Zijn aanvankelijke afwijzing van haar bede is ongevormd tot een lof voor haar groot geloof. Jezus, de wandelprofeet, trok zich terug in de verre bergstreek van Tyrus en Sidon. Dit is voorbij de grens van het erkende joodse land op een honderdtal kilometer van zijn vertrouwde stad Kafarnaüm. Hij ging er met enkele leerlingen heen, wellicht na een crisis bij zijn optreden in Galilea. “Dat een Jood het beloofde land verlaat, is telkens op zijn minst een teken van crisis” (B. Standaert, ibid. p. 82). Toen en ook nu!

 

Hoe ver reikt het Gods rijk?

Eén grote zorg bezielde de rondtrekkende profeet Jezus: “zijn volk dat aan bekering toe was, op te roepen en af te stemmen op wat hij het naderende rijk Gods noemde. De aanwijzing van de Twaalf en hun zending bevatten een duidelijk programma: zij moeten de twaalf stammen van Israël aanspreken namens God. Het universele – zoiets als een wereldgodsdienst stichten – lag niet direct in zijn bedoelingen. Maar impliciet, door zijn openheid voor tollenaars, Samaritanen, de heidense honderdman, de Syrofenicische vrouw, schiep hij een grensverleggend klimaat dat de volgelingen zal inspireren om in die lijn door te gaan en ook de heidenen in hun verkondiging te betrekken. Hoezeer ook om zijn volk bekommerd, gaf hij weinig blijk van een verwoed nationalisme, zoals nochtans velen toen in hun religieuze ijver meenden te moeten aanhangen” (B. Standaert, Ibid. p. 132).

Door het contact in de streek van Tyrus met die vrouw verruimde Jezus zijn perspectief. De profeten lieten meermaals vermoeden dat de heidenen zouden delen in de heerlijkheid van Sion (Jes. 56,6-7). Jezus hield van een open tafelgemeenschap.

De aandacht voor de vrouwen is opmerkelijk bij Jezus. Ze trekken met hem mee, zorgen voor hem en de leerlingen. Hij praat met een Samaritaanse bij de put van Jacob, hij toont diep mededogen voor weduwen zoals deze van Naïn. Is het dan zo verwonderlijk dat hij uiteindelijk de vreemde vrouw verhoort en helpt, die hem vraagt haar dochter te genezen?

Een dringende bede

De vrouw was iemand die opkwam voor haar zieke dochter. Zij doorbrak daarvoor zelfs grenzen. Zij wendde zich tot de Joodse man Jezus. Wanneer deze afwijzend reageerde, drong zij aan. Jezus nam aanvankelijk een duidelijk Joods standpunt in. Enkel zij die van het huis zijn, mogen mee eten. Honden tellen niet mee. De vrouw kwam uit een andere cultuur. Daar waren dieren nauw met de mensen verbonden. Zij leefden in dezelfde kamer en kregen er de kruimels van de tafel. Met dit argument stelde die vrouw zich tegenover Jezus. Met haar antwoord speelde zij in op de open tafelgemeenschap, die hij zo vaak beoefent. Zijn tafel is zo lang dat iedereen er mag aanliggen.

Met veel humor

In het antwoord van de vrouw steekt veel humor. Jezus houdt er rekening mee. Humor is een geschikt middel om de absoluutheid van uitspraken en standpunten door te prikken. Het onverwachte antwoord van de vrouw deed hem ongetwijfeld glimlachen. “Humor, glimlachen en lachen verbinden mensen” beweert Stefan Vanistendael in zijn boek gewijd aan humor en spiritualiteit (Stefan Vanistendael, Gelukkig zijn we onvolmaakt). Humor heeft te maken met dingen die niet zo best samengaan, met een of andere vorm van incongruentie. Voor de joden horen honden en mensen niet samen. De vrouw verbindt hen nochtans. Twee verschillende logica’s komen in dit verhaal samen, allebei getekend door zorg om mensen.

Humor veronderstelt dat we ondanks de incongruentie toch ons vertrouwen in het leven kunnen bewaren of tenminste herstellen, hij gaat ervan uit dat het leven niet geschonden wordt. Bij echt opbouwende humor gaat het niet alleen om mijn vertrouwen, maar in beginsel om dat van alle mensen. Wanneer dat vertrouwen gebroken wordt, is er geen echte humor meer” (S. Vanistendael, Ibid. p. 38). “Humor is een soort wijsheidsflits die ons vertrouwen in het leven verrassend bewaart of herstelt, wanneer dat vertrouwen normaal door een of andere vorm van incongruentie in het gedrang wordt gebracht. Dat leidt tot een plotse, weldadige ontspanning die ons innerlijk verlicht en verblijdt en die ons soms doet glimlachen of zelfs onweerstaanbaar in lachen kan doen uitbarsten” (Ibid. p. 41).

Jezus liet zich raken door het pittig antwoord van de vrouw. Zo verlegt hij grenzen en bevraagt hij ons. Wanneer wij buiten ons vertrouwd gebied gaan, ontmoeten wij andere culturen, religies en levensopvattingen. In een multiculturele wereld leven wij er te midden in. En toch trekken wij nieuwe grenzen, zoals Fatima Bali toont:

Er was een tijd

Dat de Chinezen in China woonden,

De Amerikanen in Amerika,

De Marokkanen in Marokko en ... de Belgen in België.

Er was een tijd

Dat de katholieken in katholieke landen woonden,

De Islamieten in Islamitische landen

En de Boeddhisten in Boeddhistische landen.

Nu eten we Amerikaanse hamburgers in België

En verkopen we Belgische pralines aan de Russen.

Nu wandelt de paus door het Afrikaans oerwoud

En kan je ook in Borgerhout naar de moskee.

Heel de wereld wordt één groot dorp,

Alhoewel van de Golf kan je dat niet zeggen

En met de derde wereld

Zijn we ook geen beste buren.

Daarom vraag ik me soms af

Als je ziet hoe het in Borgerhout aan toe gaat

Hoe willen we dan

Op wereldvlak met elkaar samenleven.

Betekent vrede maken in de wereld

Niet eerst vrede sluiten met je buren

En vooral met je zelf?

Want hoe kan je je naaste liefhebben

Als je niet in de spiegel durft te kijken?