Kyrie eleison - Heer, ontferm U!

Beste vrienden,

‘In die tijd trok Jezus zich terug naar de streek van Tyrus en Sidon’. Dat eenvoudige zinnetje uit het evangelie heeft een diepe achtergrond. Nu Johannes de Doper dood is richt het Joodse establishment zijn aandacht meer op Jezus, die nieuwe lastige Rabbi uit Nazareth. De boodschap die Hij brengt bezorgt Hem op zijn minst meer vijanden dan vrienden. Al gauw wordt de aarde in Galilea dan ook te heet onder zijn voeten zodat Jezus besluit om uit te wijken naar heidens gebied, naar de zeer kosmopolitische en religieus tolerante streek van Tyrus en Sidon, het huidige Libanon. De Sadducese Joodse priesterkaste en hun schriftgeleerden hebben daar maar weinig of geen macht en Hij loopt daar dus minder gevaar om gearresteerd te worden.

Maar zijn reputatie is Jezus reeds vooruit geijld en het moet ons dan ook niet verwonderen dat een wanhopige Palestijnse vrouw, een heidense dus,  een beroep doet op zijn medelijden. Het gaat om haar kind, en dan is elke moeder die ten einde raad is bereid om hulp te zoeken, als het moet zelfs bij een vreemde Joodse rabbi die daar toevallig komt onderduiken.

Het smeken van de vrouw klinkt juist hetzelfde als de gebeden om erbarmen waarmee wij nu, meer dan tweeduizend jaar later, nog altijd onze liturgie beginnen: “Kyrie eleison”  -  “Heer, ontferm U”. Heer , help mij in mijn grote nood!

De Joodse Thora, en ook de Psalmen, waren vreemd voor die vrouw, die kende ze zeker niet.   Omdat ze er waarschijnlijk aan gewend was om tot heidense goden te bidden had ze er helemaal geen benul van hoe ze zich tot die ene ware God van de Joden moest richten.  Maar de liefde voor haar kind, de bezorgdheid voor het leven van haar dochtertje leert haar te bidden zoals wij het nu nog altijd doen. “Eleison Kyrie”  - “Heb erbarmen, Heer”.

Maar voor een Joodse Rabbi, en dat was Jezus nu eenmaal, is haar gebed helemaal niet vanzelfsprekend. En we mogen Jezus ook niet van slechte wil verdenken omdat Hij haar gewoon negeert. Want Hij is gebonden aan de omgangsregels die de Thora in zo’n geval voorschrijft. De omgang van Joden met vreemdelingen, laat staan met een vreemde vrouw, was verboden, en dus zeker niet vanzelfsprekend.

Omdat wij het van Hem zo niet gewend zijn, kunnen we moeilijk verteren dat Jezus niet zou luisteren naar het smeken van een mens die lijdt. Maar als de leerlingen er op aandringen dat Hij toch eindelijk  iets zou doen om haar roepen te laten ophouden, geeft Hij zelf als verklaring, dat Hij, als profeet voor Israël, helemaal niet bevoegd is om iets voor haar te doen.

Maar de vrouw laat zich niet afschepen. Met de eenvoudigste kreet om hulp, blijft ze aandringen voor het heil van haar dochter. Zelfs wanneer Jezus zijn standpunt nader toelicht met een beeld. Het is echt bidden wat ze doet. “Kyrie, Eleison”  -  “Heer, ontferm U”. Zij herkent en erkent in Jezus de Heer, die haar dochter van haar zware ziekte kan bevrijden.

Ze geeft het niet op en ze maakt zich ook niet kwaad. Maar omwille van het leven van haar kind berust ze ook niet in die onmachtsverklaringen van Jezus. Met haar volgehouden gebed dwingt ze Hem tot een herziening van zijn eigen roeping. Door haar volhardend geloof slaagt ze er in om Jezus te ‘bekeren’. Voor zover ik weet, is er geen enkel ander verhaal in het evangelie waarin iemand erin slaagt om Jezus tot andere gedachten te brengen. En die iemand is dan ook nog een vreemdeling en bovendien een vrouw. Voor conservatieve Joodse lezers van toen een dubbele gruwel. Maar aan een onvoorwaardelijk geloof zoals dat van deze Palestijnse  vrouw kan zelfs God niet voorbij gaan.

Zoals we in de eerste lezing mochten vernemen had de profeet Jesaja reeds voorspeld dat ook de vreemdelingen zich tot de God van Israël zouden wenden en dat de tempel van de Heer een huis van gebed voor alle volkeren zou worden. Maar voor het zo ver kon komen werd de tempel van Jeruzalem door de Romeinen met de grond gelijk gemaakt. Zijn plaats werd ingenomen door een nieuwe tempel, niet van steen, maar van vlees en bloed. En in de handelingen van de apostelen lezen we dat na de vrouw uit Palestina en de Romeinse officier Cornelius er nog zeer veel vreemdelingen hun heil bij de verrezen Jezus zijn komen zoeken. Voor ons, die net zoals die vreemdelingen, ook geen Joden zijn, heeft die Palestijnse vrouw met haar gebed om ontferming een weg gebaand.

Misschien kunnen ook wij, als volgelingen van Jezus, een en ander leren van die ommekeer die toen in Jezus heeft plaatsgevonden.  Jezus was, omwille van het vertrouwen en de erkenning van zijn bevoegdheid die Hij in het gebed van deze vrouw onderkende, in staat om niet alleen eigen standpunt tegenover vreemdelingen, maar zelfs zijn eigen roeping te herdenken. In hoeverre zijn de smeekbeden van vreemdelingen vandaag de dag nog in staat om onze  verouderde denkschema’s  en onze diep gewortelde vooroordelen ten overstaan van vreemdelingen open te breken zodat we tot grotere, wereldwijde barmhartigheid kunnen komen?

In hoeverre zijn ook wij in staat om ons eigen groot gelijk te relativeren en open te staan voor nieuwe ideeën en andere opvattingen van buitenstaanders!

Door de ontmoeting met die Palestijnse vrouw, kreeg Jezus het inzicht dat zijn roeping niet beperkt was tot alleen het volk van Israël, maar dat ze veel verder reikte en de ganse wereld omvatte.

Wat dan te zeggen van ons, die dikwijls niet verder kijken dan de grenzen van onze eigen beperkte parochiestructuren.

Ook wij mogen niet onverschillig staan voor dat smekende “Kyrie Eleison”  het “Ontferm u over ons” dat ons vanuit alle hoeken van de wereld, en nu vooral ook vanuit het land van Tyrus en Sidon, vanuit Syrie, Libanon en Irak wordt toegeroepen.

Amen